BALSEMDRAGENDE VROUWEN
Op Paasochtend buigen de vrouwen zich zorgzaam over het graf van Jezus. De rots achter hen buigt mee. Want als je in rouw bent, lijkt de hele wereld dat te zijn. Ja, je kunt zelfs boos worden wanneer je ontdekt dat de wereld in werkelijkheid verder draait alsof er niets gebeurd is.
De vrouwen zien geen lijk, alleen de windsels waarin zijn lichaam gewikkeld was. Als de lege cocon die achterblijft wanneer de vlinder is weggevlogen, vertellen die witte doeken dat hij is opgestaan. Ze lijken op het kleed van de engel die laconiek op de steen zit die de toegang tot het graf afsloot. Evenals de engel een boodschapper van God is, zijn de doeken dat. Ze verkondigen dat de voor het oog verdwenen Heer op een nieuwe manier leeft. De tekenen van zijn afwezigheid in ons leven zijn als de lege windsels die zijn aanwezigheid op nieuwe wijze aankondigen.
Ikonen: P.v.Borselen
Tekst: J.-J.Suurmond